Ruim dertig jaar zat ze in het vak. Ze was werkzaam door het hele land en zag het werk vanuit verschillende perspectieven: als leerplichtambtenaar, doorstroomcoach, adviseur en opleider. En nu gaat ze voelen hoe het is om niet te werken. ‘Dat is althans het plan voor het komende halfjaar.’ Per 1 maart 2026 gaat Irma Verweij officieel met pensioen, ze stopte al eerder.
Begin jaren negentig ging Irma aan de slag als leerplichtambtenaar bij de afdeling Onderwijs en Jeugd van de gemeente Nijmegen. Met slechts drie collega’s waren ze, plus administratieve ondersteuning. ‘Het was pionieren en dat ligt mij wel. Onderzoekend zijn en nieuwsgierig; dat ben ik mijn hele loopbaan gebleven. In die beginjaren was het werk heel laagdrempelig. Zodra er sprake was van zorgsignalen bij verzuim gingen we op pad, naar de gezinnen toe. Gewoon aanbellen en kijken wat er aan de hand was. De samenwerking met de collega’s van ‘jeugd’ was nauw, er waren geen schotten. Heel vanzelfsprekend pakten we samen met andere partijen casussen op. En dat werkte fantastisch.’
Aan de slag in het land
In 2009 maakte Irma Verweij de overstap naar een klein bureau van waaruit ze opdrachten uitvoerde voor gemeentes en opleidingsinstituten op het gebied van leerplicht en doorstroompunt (toen nog RMC). Daardoor zag ze veel van de praktijk en deed ze veel nieuwe inspiratie op. Zo maakte ze in Roermond kennis met de eerste Actietafel Thuiszitters. ‘Dat was toen een zeer vernieuwende aanpak om beweging te krijgen in vastgelopen casussen van thuiszitters. Het werkt als een trein en is inmiddels overal in Nederland, onder verschillende benamingen, overgenomen. Ik heb het destijds meegenomen naar mijn eigen regio Rivierenland en daar geïmplementeerd.’
Vanaf 2017 was de regio Rivierenland haar vaste stek, waar ze naast projectleider ook altijd is blijven werken als doorstroomcoach. ‘Het contact met de jongeren heb ik nooit willen missen. Dat contact is niet alleen leuk, maar ook noodzakelijk om te weten wat de jongeren voor wie je aan het werk bent, nodig hebben.’ Daarnaast ging ze af en aan een paar dagen per week als adviseur aan de slag voor andere gemeenten, zoals de gemeente Peel & Maas en de laatste twee jaar terug naar Roermond.
Ze heeft genoten van zowel haar rol als leerplichtambtenaar als die van doorstroomcoach. Een keuze tussen leerplicht of doorstroompunt heeft ze daarom nooit bewust gemaakt. Gevraagd naar haar ideeën over de doorontwikkeling van het vak van leerplichtambtenaar zegt ze: ‘Handhaven is “niet mijn ding” en ik kan me wel vinden in de beweging om leerplicht uit het strafrecht te halen. Wel vind ik dat we de mogelijkheid moet creëren om rechtsreeks te melden bij een Jeugdbeschermingstafel. Dat kan helpen beweging in casussen te brengen als het vrijwillige kader niet werkt.’
Aanwezigheid
Ook de transitie van verzuim naar aanwezigheid die Ingrado voorstaat, kan rekenen op haar enthousiasme. ‘Het betekent dat de leerplichtambtenaar en de doorstroomcoach in een steeds vroeger stadium betrokken kunnen zijn bij kinderen en jongeren. Dat vraagt om opleiding en training op het terrein van netwerken en advisering, van motiverende gespreksvoering en om kennis over de ‘Big 5’: je moet weten wat er nodig is op alle leefgebieden van jongeren. Schoolaanwezigheid gaat over veel meer dan school alleen. De leerplichtambtenaar en de doorstroomcoach kunnen de spil zijn in een schoolaanwezigheidsaanpak. Beslist niet als hulpverlener, maar als degene die boven de partijen hangt en ervoor zorgt dat er verbindingen ontstaan, dat er maatwerk wordt geleverd en dat wat wordt afgesproken ook nagekomen wordt. Ik zie daar grote kansen.’
Ingrado
De rol van Ingrado is belangrijk in deze ontwikkeling, denkt Irma. ‘Ik ben altijd nauw betrokken geweest en heb de Landelijke Vereniging van Leerplichtambtenaren (LVLA) zien uitgroeien tot het Ingrado van vandaag. Een stevige club die faciliteert, aanjaagt en ontwikkelt en helpt voorkomen dat elke regio zelf het wiel gaat zitten uitvinden.’
Met een gerust hart neemt ze afscheid. ‘Ik laat een goed en betrokken team achter, zowel in de regio Rivierenland als in de gemeente Roermond. Teams die weten waar ze voor staan, wat zij te doen hebben in het belang van kinderen en jongeren. Ik hoop dat zij zich zullen blijven ontwikkelen. Dat is mijn wens voor alle collega’s in het land. Blijf niet te lang zitten waar je zit, kijk verder dan je eigen keuken, laat je detacheren naar een ander team. Zo blijf je fris en fruitig.’
