Kamerbrief stand van zaken onderwijs op afstand tijdens de corona-crisis

De Kamerbrief ‘Stand van zaken onderwijs op afstand tijdens de corona-crisis’ is 3 april 2020 door de ministers Slob en Van Engelshoven aan de Tweede Kamer gestuurd. Met deze brief wordt de Tweede Kamer geïnformeerd over:

  • Opvang voor kinderen van een ouder met een cruciaal beroep
  • Kwaliteit van onderwijs op afstand
  • Ieder kind in beeld: onderwijs aan kinderen in kwetsbare posities
  • Voorbereiding situatie na de meivakantie

De volledige brief is hier te vinden.

Ingrado heeft een korte samenvatting gemaakt:

Noodopvang:

Gemeenten coördineren de noodopvang, in overleg met kinderopvangorganisaties en scholen. Zij moeten zorgen voor voldoende aanbod voor kinderen in de leeftijd van 0 tot circa 12 jaar (globaal tot het einde van hun basisschoolloopbaan, inclusief leerlingen van het speciaal (basis)onderwijs). Ouders met een cruciaal beroep mogen niet voor een gesloten deur staan als zij opvang nodig hebben voor hun kind.

Kwaliteit van onderwijs op afstand:

Allereerst is het van belang om te investeren in het contact met leerlingen.
Kwaliteit boven kwantiteit; kwaliteit van onderwijs zo hoog mogelijk laten zijn en afstandsonderwijs zo effectief en toegankelijk mogelijk maken. Onderwijstijd hoeft niet gecompenseerd te worden in vakanties of onderwijsvrije dagen.

Waar vind je belangrijke informatie over het onderwijs op afstand:

Voor scholen: http://www.lesopafstand.nl, vanaf 6 april ook: http://www.lesopafstand.nl/loket, voor specifieke vragen van scholen;
Voor ouders: https://ouders.lesopafstand.nl/
Voor basisschoolkinderen: vanaf maandag 6 april worden er educatieve programma’s uitgezonden door NPO Zappp/Zapppelin samen met Schooltv (NRT)

Inventarisatie stand van zaken kinderen in een kwetsbare positie:

Er is een eerste inventarisatie gedaan naar de stand van zaken van het onderwijs een kinderen in een kwetsbare posities. De uitkomst hiervan kun je lezen in de brief op pagina 7.

Ieder kind in beeld, de aanpak:

Scholen zijn de ogen en oren van de gemeenten. Zij kunnen het aangeven als kinderen niet deelnemen of bereikt worden. In alle gemeenten heeft de afdeling handhaving een belangrijke rol in als het gaat om naleving van de richtlijnen. BOA’s (buitengewoon opsporingsambtenaren) zijn ook alert op het aanspreken van kinderen tijdens schooltijd, maar de signalering dat kinderen niet in beeld zijn van de school, ligt in eerste instantie bij de scholen zelf.

Signalen worden door leerplicht ingebracht. Op basis daarvan wordt besloten of het wijkteam, jeugd- en gezinscoaches of een leerplichtambtenaar de voorliggende partij is om deze kinderen te benaderen. De regie hiervoor ligt bij gemeente. De afspraak is dat samen bepaald wordt wie een eventueel bezoek ‘aan de deur’ brengt. Daarbij worden de RIVM-richtlijnen gehanteerd. De functie van de leerplichtambtenaar en de RMC-functionaris is daarbij gericht op gedeelde maatschappelijke zorg, waarbij het contact met de leerling en student centraal staat. Het gaat in dit geval niet om het handhaven van de Leerplichtwet.

Na contact met de leerling of student worden afspraken gemaakt over betrokkenheid van het lokale team, Veilig Thuis of jeugdhulpverleningsketen bij het kind of de jongere.

Achterstanden:

Er wordt gekeken naar de mogelijkheden voor extra zomerscholen om meer leerlingen te helpen om gedurende de zomer achterstand in te lopen.


Ingrado nieuws ontvangen?

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Vul hieronder jouw naam en email adres in


We gebruiken de gegevens die je hierboven invult uitsluitend voor onze nieuwsbrief. Je kunt je op elk moment afmelden. Bekijk onze privacyverklaring.